Brabantse kanalen uitgebaggerd
15-01-2010 - Boksalis heeft in opdracht van Rijkswaterstaat delen van de Zuid-Willemsvaart en het Wilhelminakanaal uitgediept. Hierdoor blijft de doorgang voor schepen gewaarborgd en kunnen ze vlotter en veiliger doorvaren.
De Zuid-Willemsvaart is over een lengte van 15 kilometer uitgebaggerd; van Veghel-Noord tot aan de kruising met het Wilhelminakanaal bij Aarle Rixtel. Op het Wilhelminakanaal ging het om 500 meter in ter hoogte van Son, bij knooppunt Ekkersrijt.
Ongeveer 45.000m3 bezonken specie is van de bodem verwijderd, waarvan zo’n 30.000m3 vervuilde bagger was en 15.000m3 ‘schone’ specie, die direct herbruikbaar is voor de industrie. Gemiddeld moet het kanaal 2.66 meter diep zijn ten opzichte van het streefpeil. Vooral in de zwaaikom bij Veghel in de Zuid-Willemsvaart en bij Son in het Wilhelminakanaal was het niet diep genoeg meer.
Volgens Rijkswaterstaat heeft de scheepvaart nauwelijks hinder ondervonden van de werkzaamheden, maar is het verschil meteen al merkbaar. Op sommige plaatsen kunnen de schippers wel tot één knoop harder varen.
Het uitdiepen van de kanalen gebeurt vanaf een ponton op het water. Een kraan met een grijper haalt het slib van de bodem en hevelt dit over in een schip.
De baggerwerkzaamheden zijn in juni 2009 gestart en halverwege december, nèt voor de vorstperiode, afgerond.